‘Bezieling werkt’ boekpresentatie

Vorige week woensdag, precies een week geleden, in de sfeervolle ruimtes van de oude Gelderlandfabriek in Culemborg, was het dan zover: de presentatie van ons nieuwe boek ‘Bezieling werkt; acht bronnen van groei en ontwikkeling in organisaties’. Ik kan het niet laten er hier iets over te schrijven, zo vol is mijn hart er nog van.

Wat mij het meest raakte in de bijeenkomst was de presentatie van mijn O&A-team. Ik zelf had het ooit als idee in een van onze vergadering geopperd: hoe zou het zijn om twee musici te vragen muziek te improviseren op de acht bronnen? En dat jullie dan tussen de muziek door ieder afzonderlijk het podium op komen en met een stukje tekst, een gedicht of iets anders de bronnen introduceren? Een idee dat direct aansloeg. Ook de musici waren snel gevonden: fluitiste Liesbeth Niesten, een vriendin van mij, en pianist Herman Weelink, de broer van onze collega Janneke, verklaarden zich bereid dit avontuur met ons aan te willen gaan.

Pure magie

De uitvoering overtrof alle verwachtingen. Het samenspel van Liesbeth en Herman was fijnzinnig en afgestemd, de bijdragen van mijn collega’s stuk voor stuk even krachtig en origineel. Alles viel prachtig op zijn plek, zeker toen Liesbeth het waagde haar fluit neer te leggen en haar stem begon in te zetten. Het was pure magie hoe iedereen door elkaar werd opgetild en zo boven zichzelf kon uitstijgen, zonder dat er enige gezamenlijke voorbereiding aan vooraf gegaan was (of misschien wel juist daardoor!). Na afloop waren velen van de aanwezigen aangeraakt en ontroerd: de vonk van bezieling ervaren en op bijna iedereen overgeslagen.

_DSC2027

Zo werd heel tastbaar wat ik in mijn inleidend praatje centraal had gesteld: hoezeer wij een geheel zijn dat datgene wat zij beoogt in de buitenwereld zelf met elkaar in haar eigen binnenwereld ook echt waar maakt. In plaats van wat wij zo vaak zien gebeuren in organisaties, dat men in de buitenwereld iets probeert te zijn wat in de binnenwereld niet geleefd wordt. En dat al die prachtige waarden waar zo veel organisaties mee pronken, slechts een dun laagje vernis zijn, een masker, waar iets heel anders achter schuilgaat. Leraren, die van hun leerlingen vragen zich te openen voor nieuwe kennis, maar zelf vastzitten in hun eigen kennis en routines. Medici, die zelf uiterst ongezond leven. En collega organisatieadviseurs, die zelf niet in staat zijn op een goede manier samen te werken met elkaar.

_DSC1989

Zonder onszelf te veel op de borst te willen kloppen, wij maken het in onze eigen ITIP binnenwereld doorgaans wèl waar, van bezieling tot vertrouwen, van waarachtigheid tot mededogen, van zelfonderzoek tot verantwoordelijkheid, van leiderschap tot kringbewustzijn. Zo is de inhoud van het boek ook tot stand gekomen: laten wij eens proberen te formuleren waarom ‘het’ werkt bij ons, hoe wij er zelf voor zorgen dat het bezielend is om deel uit te maken van ons geheel?

Levend brood

Wat ik daar overigens in mijn praatje wel direct aan toevoegde was, dat het niet zo is dat het bij ons een soort walhalla is, waar je je maar aan hoeft over te geven en dan komt het wel goed, wat sommige mensen neigen te denken. Natuurlijk hebben wij zelf ook regelmatig zo onze verwikkelingen en problemen, en is het bij tijd en wijle voor ons zelf ook hard werken om bezield te blijven. Maar de moeite wordt gedragen door de stroom van bezieling. En de problemen en verwikkelingen fungeren daarbij voor ons als het noodzakelijke gist in het brood wat wij met elkaar aan het bakken zijn. Ze zorgen ervoor dat het kan rijzen en dat wij zelf tot brood kunnen worden voor de wereld, levend brood. Levend brood, dat is wat mijn O&A-team samen met de musici voor de aanwezigen even konden zijn. En dat is wat ik hoop dat ons boek voor de wereld mag zijn, brood voor de ziel.

PS 1 Hierbij een link naar de mooie compilatie die Bertram Lammers maakte van de presentatie:

PS 2 Meer over het boek, de inleiding lezen, of een filmpje bekijken van mij over de inhoud van het boek, ga naar boekenpagina: https://itip.nl/boeken/detail/bezieling-werkt/

 

 

 

 

Advertenties

Over contact en resonantie

m1mx5boa6o9k_wd640

In het kader van mijn nieuwe boek dat op 24 april a.s. gaat uitkomen vond mijn uitgever het een goed idee om ter promotie een zestal filmpjes op te nemen. Vorige week was de draaidag, ergens in een studio in het hoofdkantoor van de uitgeverij in Alphen aan de Rijn. Normaliter iets waar ik tegenop zou zien, maar omdat ik in het najaar een goede ervaring had gehad met het opnemen van een aantal filmpjes voor onze eigen website, had ik er vooral zin in. Ik had het bovendien voor mijn doen heel erg goed voorbereid.

Totaal gesloopt

Nu wist ik al dat het spreken voor een camera, een geheel andere ervaring is dan het spreken voor een publiek. Dat je het veel meer uit jezelf moet halen, je meer het gevoel hebt in een vacuüm te spreken. Maar die vorige keer sprak ik nog altijd tot Ruth en Laurens, twee mensen die ik ken, die mij kennen en die verbonden zijn met het gedachtengoed wat ik probeer over te brengen. Het was bovendien op een voor mij bekende, prettige plek. Nu sprak ik in zo’n standaard betonnen kantoorpand tot een op zich vriendelijke, maar voor mij onbekende videoredacteur, die om te beginnen natuurlijk vooral vanuit een technische blik naar mijn verhaal luisterde en mij direct vijf, zes keer moest onderbreken omdat ik het niet helemaal op de juiste manier deed. Vier uur later verliet ik totaal gesloopt de studio!

Pas bij het vierde filmpje had ik het gevoel dat ik in een fijne energie terecht kwam en ik een beetje begon te spreken zoals ik dat van mijzelf gewend ben. Het interessante was dat daaraan vooraf een pauze was geweest waarin ik met de goede man een mooi gesprek had gevoerd over zijn loopbaan, hoe hij daarin was vastgelopen en hoe hij daar weer uit was gekomen. Vanaf dat moment had ik niet alleen een vaardige technicus tegenover mij, maar iemand die ook inhoudelijk betrokken was. Ik hoefde het niet alleen maar meer uit mijzelf te halen, er kwam iets terug van de andere kant, er ging iets heen en weer. Kortom er was contact. En dat maakt dus een wereld van verschil! Dat wist ik wel, maar om het weer eens zo duidelijk te ervaren, maakte het voor mij toch weer tot een ontdekking.

Concertgebouworkest

Het deed mij denken aan de eerste keer dat ik ergens in de jaren tachtig kennis maakte met het organisatie-adviesvak. Ik mocht meelopen met een organisatie-adviseur in een opdracht bij het concertgebouworkest in Amsterdam. Al een tijd klonk de muziek die het orkest produceerde niet meer zo mooi en zo bezield als men gewend was. En daardoor was er hommeles ontstaan, zowel tussen de dirigent en het orkest, als binnen het orkest zelf. Gaandeweg werd het ons echter duidelijk dat de belangrijkste oorzaak niet zozeer bij de musici lag, maar bij het publiek! Doordat er voor het eerst in de geschiedenis van het orkest sponsorgelden nodig waren, was dat publiek, met name op de eerste vijf rijen, namelijk ingrijpend veranderd. In plaats van verstokte muziekliefhebbers zaten daar ineens mensen in nette pakken die maar zeer ten dele voor de muziek kwamen, soms ook gewoon niet op kwamen dagen, en veel meer bezig waren met elkaar dan met wat zij te horen kregen.

Het gaat over het fenomeen van resonantie, dat wat in het contact gebeurd. We kennen het uit de natuurkunde, die proef met de stemvorken, waarbij op enig moment als de stemvorken maar dicht genoeg bij elkaar worden gebracht, dat wonder plaatsvindt dat de trilling van de klank van de ene stemvork overspringt op de andere stemvork. Dat verklaart waarom je in het ene geval als spreker of als orkest wel in je kracht en kwaliteit terecht komt en in het andere geval niet.

Je laten aanraken

Contact, resonantie, je hebt het nodig. In relatie, in de samenwerking, als je met een ander werkelijk tot iets wilt komen. It takes two to tango. Als het er is, geniet ervan, geef je eraan over, als een golf waardoor je je mee kunt laten nemen. Waardeer het en laat je erdoor raken. Het woord contact is niet voor niets afgeleid van het Latijnse woord contagere, wat aanraking betekent! Als het er niet is, neem dat niet voor lief, maar stel het aan de orde, vraag je hardop af wat er aan de hand is en zoek samen naar de verbinding. Want vanuit verbinding komt er pas echt iets tot stand.

 

PS Ja, ja, een nieuw boek! Bezieling werkt; acht bronnen van groei en ontwikkeling in organisaties. Komt op 24 april uit bij uitgeverij Management Impact van Vakmedianet, een uitgever waar ik blij mee ben en met wie er duidelijk resonantie is. Zal er t.z.t. zeker nog eens de aandacht op vestigen, immers weer een belangrijke mijlpaal voor mij en ons O&A-team van het ITIP.

 

kerst 1989

De kerstperiode is aangebroken, overal maken we ons klaar om de deuren van ons bestaan te mogen sluiten. Om naar binnen te keren en ons bewust te worden van het moment dat de beweging van de tijd zich omkeert, het licht weer opnieuw geboren wordt en alles in een nieuw perspectief zet. Bewogen we ons de afgelopen 6 maanden van de zomer naar de winter, nu draait het zich om en bewegen we ons van de winter naar de zomer. Een volkomen andere blikrichting, een blikrichting van hoop, van verwachting, van vermoeden, weten eigenlijk, dat het beter gaat worden.

Moment van ommekeer                                                                                                       Voor mij is het een speciale periode, want als er iets is waar mijn (werkend) bestaan aan opgedragen is, dan is het wel aan deze mogelijkheid tot ommekeer. Dat er zoiets bestaat als wezenlijke, sprongsgewijze verandering, van transformatie. Dat iets een hele tijd op een bepaalde manier kan gaan, in een zich herhalend, zich steeds verder toesnoerend patroon. En dat zo’n machtig patronen dan toch ineens kan breken, en iets anders baart, iets wat haaks staat op de gevestigde orde en daar een bedreiging voor is. Achteraf gezien wellicht te verklaren, maar op het moment zelf een wonder.

Kerst in mijn bestaan                                                                                                                In mijn bestaan heb ik dit wonder van kerst, van geboorte, wat we eigenlijk ook vieren met Pasen, maar dan in de verschijning van wedergeboorte, het meest beleefd tussen mijn 22ste en 28ste levensjaar. Alles keerde zich in die periode om. Van een ambitieuze, op de buitenwereld gerichte Leidse corpsbal die voorbestemd was om advocaat te worden, veranderde ik in een zoeker die de mystieke binnenwereld van zichzelf en anderen wilde ontsluiten. Het werd kerst in mijn leven, er werd iets nieuws in mij geboren wat van een totaal andere orde was. Soms via strijd en worsteling, meer als Pasen, door de pijn van het moeten loslaten heen, maar vaker als vanzelf, als een geschenk van de tijd, van het mij toevallende lot.

Het wonder van mijn oma                                                                                                Midden in die periode, kerst 1989, werd ik mij voor het eerst bewust van deze, diepere betekenis van kerst. Twee indrukwekkende gebeurtenissen droegen daartoe bij. Het eerste was dat mijn oma, die net zoals ik vlak voor kerst was afgereisd naar mijn ouders, een herseninfarct kreeg. Twee nachten voor kerst – ze was al bediend door de bisschop van Haarlem – was het mijn beurt om naast haar te waken. En maakte ik het mee dat ze op zeker moment een kneepje gaf in mijn hand, en later nog een en nog een. Twee uur later begon ze als een baby te brabbelen, en weer twee uur later keek ze ons aan en vroeg om water. De volgende dag was ze er weer helemaal, en heeft daarna nog ruim twee jaar geleefd. Een wonder!

Het wonder van Boekarest                                                                                                      De andere indrukwekkende gebeurtenis vond plaats op diezelfde dag, vlak voor kerst, in Roemenië. Op het journaal zie ik beelden van een toespraak die de dictator Ceaușescu houdt op het plein voor zijn megalomane paleis in Boekarest. Tussen al die speciaal opgetrommelde applaudisserende mensen, begint er één buitengewoon moedig iemand “Boe!” te roepen, en even later nog één, en weer later zijn het er tien of twintig. In een mum van tijd zie ik het “Boe!”– geroep aanzwellen tot een niet meer te stoppen menigte, die uiteindelijk het paleis bestormt en zorgt dat de almachtige, gevreesde dictator als een klein, angstig mannetje wordt afgevoerd. Ongelooflijk! Ga het alsnog zien:

Zo is kerst voor mij echt kerst geworden, van een decadent feest waarin het vooral gaat om wat er op tafel, op televisie en in de media geserveerd wordt, naar een punt in de tijd waarin ik het wonder van ommekeer beleef. Het wonder waar ik mijn huidige bestaan wat mij zo vervult aan te danken heb en die in het hart is komen te staan van de functie die ik mag vervullen.

Een hele fijne kerst voor jullie allemaal!

 

Hoe je moet zijn als leidinggevende

Ter voorbereiding op een lezing voerde ik een paar dagen geleden op internet de zoekterm leiderschap in en kwam er achter hoeveel hier over geschreven wordt. Honderden boeken plopten op: van verbindend leiderschap tot inspirerend leiderschap, van empowerend leiderschap tot dienend leiderschap, en van onzichtbaar leiderschap tot coachend leiderschap. Wat hebben we tegenwoordig toch een hoge verwachtingen van die mensen! En stel je voor dat je dat allemaal serieus neemt en gaat proberen waar te maken? Waar kom je dan in terecht?

Onuitgesproken verwachtingen

Die verwachtingen vanuit het schrijvers en consultantsgilde, vaak toch de beste stuurlui aan de wal, kom je natuurlijk als leidinggevende ook vol tegen bij je eigen mensen. De één wil vooral de ruimte hebben en zo weinig mogelijk bemoeienis, de ander wil juist regelmatig je volle aandacht, de één zal daar zelf om vragen, de ander verwacht nu juist dat jij dat zelf aanbiedt, en zo gaat het maar door. Verwachtingen die vaak eerder eisen zijn dan wensen, en die vaak eerder onbewust en onuitgesproken zijn, dan bewust en uitgesproken.

Schermafbeelding 2018-10-19 om 10.39.13Waar het volgens mij over gaat is dat je je vooral niet gaat proberen te voegen naar al die verwachtingen. Dan hang je, dan maak je jezelf afhankelijk van de waardering van je omgeving. Je hangt ook omdat je één ding zeker weet: je zult het nooit goed doen, je zal nooit iedereen tevreden kunnen stellen, er zullen altijd mensen zijn die vanuit die meestal onuitgesproken claims kritiek op je zullen hebben. Het gaat je gewoon niet lukken om zo’n super mens te zijn.

Wat leiderschap eigenlijk is

Volgens mij is de essentie van waarachtig leiderschap nu juist dat je het niet laat beginnen bij de verwachtingen van anderen, maar bij jezelf, bij jouw visie en jouw waarden. Leider zijn betekent bij uitstek dat je je nek durft uit te steken, en het waagt je licht niet onder de korenmaat te houden. En dat je doet op een manier die past bij jou. De een op een dwingendere, nadrukkelijkere manier dan de ander. De een meer vanuit empathie, de ander meer vanuit enthousiasme.

Volgens mij maakt het helemaal niet echt uit hoe je het doet, als het maar waarachtig is, als het maar is wie jij bent, en geen trucje, geen maniertje om de ander te manipuleren. En als het maar in verbinding, in contact is met de ander, en de medewerker net zo zeer jezelf mag zijn als de leidinggevende. Dat je als medewerker kun zeggen: “ik had misschien liever een gevoeligere leidinggevende gehad, maar dat zegt meer over mij dan over hem; ik zie wij hij is, en dat is goed, daar doe ik het mee”. En dat jij als leidinggevende kunt zeggen: “ik had misschien een daadkrachtigere medewerker gehad, maar dat zegt meer over mij dan over hem; ik zie wie hij is, en dat is goed, daar doe ik het mee”.

Persoonlijk leiderschap

Het vrij blijven van al die verwachtingen of nog beter het zorgen dat die verwachtingen bewust worden, uitgesproken worden en niet door jou maar door de mensen zelf ingelost gaan worden, dat is misschien wel jouw belangrijkste opgave als leidinggevende. Want laten we wel wezen elke verwachting die ik heb naar mijn leidinggevende, zeker als die verwachting eerder een eis dan een wens is, gaat vooral over mij zelf. Over waar ik leiderschap heb te nemen, waar ik het juist niet door een ander moet willen laten oplossen, maar ik zelf aan de bak moet. En zijn het niet de meest inspirerende leiders die jou juist dat spiegelen, die het niet voor jou gaan oplossen, maar je uitdagen het zelf te doen, en je grenzen te verleggen? Leiders die jou helpen jouw leiderschap op je te nemen, niet door wat ze doen maar juist door wat ze niet doen? Leiders die vooral zijn wie ze zijn, ongemaskerd en onaangepast excelleren in hun eigen persoonlijke leiderschap.

PS Voor leidinggevenden die zich aangesproken voelen: https://itip.nl/opleidingen/de-juiste-maat/

 

 

Hoe groter de geest, hoe groter het beest

Ergens in de loop van vorig jaar schafte ik mijzelf toch eens een boek aan van Osho, of te wel Bhagwan Sri Rajneesh. Als iemand die zo verbonden is met het veld van persoonlijke ontwikkeling vond ik dat het wel een keer tijd werd om kennis te nemen van zijn gedachtegoed. Op zoek naar de logica achter de sekte waar in de tijd dat ik volwassen werd zo veel mensen door werden aangeraakt. Een beweging waar ik niet bepaald een positief beeld van heb meegekregen, zonder precies terug te kunnen halen waar dat beeld nu op gestoeld was.

Osho’s inspiratie

Tot mijn grote verrassing werd ik zeer gegrepen door wat ik las. Hoewel soms onnodig provocerend naar onze samenleving en vooral naar de georganiseerde religies, trof ik een zeer heldere, scherpe, originele en humorvolle geest aan, die mij op een indringende, lucide manier aansprak en prikkelde. Zijn oproep om alles van jezelf te aanvaarden, niets te verdringen, ook je driftleven en je schaduw te omarmen, om alles te zien als brandstof voor groei, is mij uit het hart gegrepen. Dat spiritualiteit niet betekent dat je heilig moet worden en je verlangen om te genieten van al het aardse, alles wat gewoon lekker en fijn is, moet wegdrukken en opofferen. Dat de lotus van de verlichting wortelt in de modder en seksualiteit en liefde bij elkaar horen als eb en vloed; haal één van de twee weg en er blijft niets over van de ander.

Ook zijn visie op de weg van individuatie en volwassenwording is helder en inspirerend, dat het een weg is die je in essentie slechts alleen kan lopen, die grote moed van je vraagt en de radicaliteit om te breken met datgene wat de samenleving en de omgeving waarin je bent opgegroeid van jou verwacht. Dat het van je vraagt om je ego en je neiging om je afhankelijk te maken van zaken en mensen buiten jezelf vol onder ogen te zien en los te laten. Principes waar alle grote leraren van de mensheid toe opriepen, maar die tragisch genoeg juist door hun navolgers in de religieuze instituties die in hun naam opgericht werden met voeten zijn getreden.

Osno’s ontsporing

Zo begon ik mij tot mijn verbazing steeds meer thuis te voelen bij deze Osho en las boek na boek. Des te groter de vervreemding en de afschuw die mij bekroop toen ik deze zomer de documentaire ‘Wild, wild country’ zag en ik daaropvolgend alles ging lezen over de geschiimagesedenis van de Bhagwan beweging omdat ik simpelweg niet kon geloven dat het echt zo gebeurd is. Hoe kan het dat iemand die de liefde predikt zijn commune met 25.000 machinegeweren laat bewapenen, zijn staf iedereen laat afluisteren, hen moordaanslagen laat beramen, verkiezingen laat manipuleren en onschuldige burgers laat vergiftigen zodat ze hun stem niet kunnen uitbrengen? Hoe kan het dat iemand die zo’n groot appel doet op het verantwoordelijkheid nemen voor jezelf zo’n afhankelijkheidssysteem kan scheppen waarin het niet meer ging om overgave aan de innerlijke waarheid maar om overgave aan de goeroe? Hoe is het mogelijk dat zo’n grote geest zo kan ontsporen, zo incongruent kan zijn met alle waarden waar hij voor staat?

Vragen waarop de documentaire geen antwoord geeft en wij bij onszelf te rade moeten gaan. Want natuurlijk kennen we dit zelf ook, dat we bij tijd en wijle met het schaamrood op onze kaken moeten concluderen dat we niet waarmaken waar we voor menen te staan. Ik zelf in ieder geval wel! Dat mijn meiden of mijn vrouw mij soms genadeloos terug spiegelen hoe ik faal in de waarden die ik juist op hen proberen over te dragen.

Osho’s les aan ons

De hele geschiedenis van de Bhagwan beweging maakt mij duidelijk dat naarmate we bewuster en wijzer menen te worden, we nog wakkerder moeten zijn op wat zich in onze schaduw bevindt. Juist dan! Juist als je denkt dat je er wel bent, dat je ‘verlicht’ bent. Juist als er iets van zelfgenoegzaamheid in je begint te ontstaan. Het is immers juist die zelfoverschatting die de voedingsbodem is voor het meest onverkwikkelijke wat je achter je gelaten dacht te hebben. Het is de superieure geest die zichzelf daar boven overschat die het inferieure beest daar onder tot een monster laat worden.

Die wakkerheid is ook zo belangrijk omdat de mensen om je heen altijd weer de neiging hebben jou op een voetstuk te zetten en te gaan adoreren daar waar jij tot wijsheid komt of iets bijzonders presteert Voordat je het weet geloof je het zelf, geloof je werkelijk dat je bijzonder bent, het waard bent om privileges te hebben en je niet meer te hoeven verantwoorden. Het is de les om de boodschap en de boodschapper steeds weer uit elkaar te houden, daar realistisch in zijn. Als boodschapper je steeds maar weer bewust te blijven dat jij altijd ook tot jezelf spreekt en jij zelf je belangrijkste leerling bent. En als ontvanger de boodschapper te blijven zien in al zijn menselijkheid en onafheid en te weigeren je kritische geest aan adoratie en bewondering op te offeren. Een belangrijke les voor iedere leider en iedere volger!

Alleen zijn

We weten allemaal hoe belangrijk het is om in ons leven je zo nu en dan even terug te trekken uit ons bestaan en alleen te zijn met onszelf, alleen met de stilte, alleen met het universum wat ons omringt. Hoe wezenlijk om ruimte te bieden aan de kluizenaar in onszelf en afstand te nemen van de menigte van stemmen om ons heen, van alle verwachtingen en verplichtingen, van de sociale conventies en de sociale druk. Opdat we in de stilte onze eigen innerlijke stem weer kunnen horen, en in de ruimte onze eigen vrijheid weer kunnen voelen.

We weten hoe belangrijk dit is, maar toch zijn wij dikwijls geneigd dit innerlijk weten te veronachtzamen. Zelfs in een lange zomervakantie blijven we vaak voortdurend verbonden met onze partner, kinderen en familie, en komt het bijna niet in ons op een paar dagen alleen door te brengen. Een drempel die vooral door jezelf wordt opgeworpen, ontdekte ook ik weer toen ik op de valreep van deze zomer, mijn wens om een paar dagen alleen te zijn voorlegde aan mijn partner. “Natuurlijk, moet je doen”, zei ze. “En ik vind het zelf eigenlijk ook wel fijn om even op mijzelf te zijn”.

Het alleen-zijn in de stilte is natuurlijk ook dikwijls iets wat we mijden omdat we weten dat we zullen gaan ervaren hoe het werkelijk met ons is en we bang zijn voor wat we in de spiegel van onze ziel zullen gaan zien. Dat we niet echt ons eigen leven aan het leiden zijn, dat we ons ergens in gekwetst voelen, dat er verlangens in ons leven die onvervuld zijn, frustratie, angst, onmacht of wat dan ook waar het dagelijks leven ons van kan afleiden. En zeker dat zal ook aan het licht komen, maar hoe erg is dat eigenlijk? Dat alles is er toch! We kunnen het maar beter onder ogen komen. Misschien zet het ons aan om ergens in actie te komen. Misschien kunnen we die gevoelens eindelijk eens echt loslaten, niet door ze te negeren, maar juist door er even werkelijk aandacht aan te schenken.

De andere, lichte kant van ons gevoelsleven zal zich echter in de stilte van het alleen-zijn ook manifesteren, zeker zo krachtig of wellicht zelfs vele malen krachtiger. Dat we ons bewust worden van hoe gelukkig we nu eigenlijk zijn, hoe dankbaar voor alles wat er wel goed gegaan is in ons leven en hoe vertrouwens- en verwachtingsvol we zijn naar de toekomst toe. Dat we ervaren hoeveel meer we zijn dan onze kleine zorgen, angsten en begeerten. En we de schoonheid van het leven ineens weer gaan zien, de bomen, de wolken, de vogels, alles wat er is. We onze verbondenheid met het leven ervaren, een met het al: al – een. Samen met het ene: een – saam.

IMG_5090

Twee nachtjes slechts was ik weg geweest, fietsend door dat prachtige coulissen landschap van de Achterhoek en Twenthe, met mijn tentje in het wild kamperend op die paar plekken waar dat tegenwoordig weer is toegestaan, en ik voelde me herboren, verfrist en vernieuwd. Weer wat liefdevoller naar het zwart in mij zelf kunnen kijken, mijn falen, mijn onrust, mijn angst. Weer wat bewuster van het licht dat in mij huist en in alles om mij heen. En vooral weer met nieuwe ideeën en met zin, zin om weer de wereld in te gaan, mijn vrouw te omhelzen en mijn werk weer op te pakken. Zin ook om komend jaar weer een aantal retraites te mogen begeleiden, waar deze stilte en dit alleen zijn centraal in zullen staan.

 

Bezieling werkt

Vorige week hadden we op de Kraaybekerhof in Driebergen de eerste landelijke bijeenkomst van ons netwerk dat de naam draagt ‘Bezieling werkt’. Dit nieuwe netwerk bestaat voornamelijk uit oud-leerlingen die elkaar in kleine regionale kringen uitnodigen op de eigen werkplek om zicht te geven op hoe zij proberen in hun organisatie bezieling meer op de agenda te krijgen en wat ze daarin tegenkomen. Ter inspiratie en ter bemoediging, in een wereld waar de systemen, belangen en overlevingsmechanismen het zo snel kunnen overnemen.

IMG_4547.jpgZelf hield ik die dag een korte inleiding over dat thema van werking vanuit bezieling, geïnspireerd op het feest van Pinksteren, het moment in het jaar dat we in onze cultuur vieren dat de geest rond kan gaan en door ieder mens heen kan spreken.

Wat het meest leek te resoneren bij de aanwezigen waren de woorden die ik sprak over hoe je als leidinggevende kunt sturen op bezieling, in plaats van wat zo veel gebeurd, op resultaten, doelstellingen en ‘kpi’s’.

Wanneer je stuurt op resultaten, op datgene wat er gepresteerd moet worden, loop je eigenlijk altijd achter de feiten aan. Resultaten komen voort uit bezieling, uit bezielde mensen die elkaar vinden juist in datgene wat hen drijft. Als je je enkel richt op de output en geen aandacht schenkt aan datgene waar die output uit voort komt, droogt die bron eerder op dan dat die meer gaat stromen.

De meest succesvolle organisaties zijn daarom organisaties die het wagen meer aandacht besteden aan de bezieling dan aan de resultaten, die ingrijpen niet op de cijfers maar op de geest van het samenzijn, en liefst nog voordat de cijfers daar aanleiding toe geven. Organisatie die niet controleren op ‘wat’ er precies gebeurd, maar inspireren in ‘hoe’ het gebeurd. Als de bezieling rondgaat, dan hoef je immers niet te dirigeren, noch te controleren. Je weet dan dat iedereen uit dezelfde bron werkt en kunt er op vertrouwen dat de ander intrinsiek zo gemotiveerd is dat hij zijn werk goed doet. Je krijgt dan ook ‘vanzelf’ een terugkoppeling, want natuurlijk wil je collega niets liever dan vertellen over wat tot stand is gebracht. Of komt hij bij jou voor hulp als de resultaten tegenvallen.

Het zou daarbij jouw hoogste roeping moeten zijn als leidinggevende, er voor te zorgen dat in de cultuur van jouw team/organisatie de bezieling zo krachtig en zo vrij mogelijk stroomt. Waag het daarom te stoppen met dirigeren en controleren; het is een zwaktebod voor mensen die vanuit de ziel wensen te werken, een achterhoedegevecht dat alleen maar verliezers oplevert. Weiger het om volwassen mensen te gaan vertellen wat zij moeten doen; als ze dat niet weten dan horen ze niet in jouw organisatie. Weiger ook hen eisen te moeten stellen aan de kwaliteit van hun werk; als ze dat niet uit zichzelf doen, vanuit hun intrinsieke motivatie, dan klopt er iets niet.

Sturen op bezieling betekent ook dat als de resultaten tegenvallen of er in het stoffelijke vlak van de uitvoering zaken gebeuren die ongewenst zijn, je het waagt om (ook) de vraag te stellen naar hoe het eigenlijk zit met die bezieling. Zijn wij onszelf nog wel voldoende bewust van datgene waarvoor wij het doen? Zijn wij nog wel afgestemd genoeg op onze bezieling? Dat betekent soms ook het onder ogen zien van het feit dat bij sommige medewerkers het heilige vuur ontbreekt of gedoofd is, en dat het de vraag is of die medewerkers niet geholpen moeten worden een nieuwe bestemming te zoeken, binnen of buiten de organisatie. Of dat je zelf moet concluderen dat jouw bestemming elders ligt, want ook als leidinggevende geldt dat je van je mensen precies terugkrijgt wat je er zelf in stopt.

Zo werd het behalve een inspirerende, ook een spannende bijeenkomst voor de aanwezigen, zeker voor de vijf mensen die een casus presenteerden, waarin het er om spande: wat is eigenlijk mijn eigen aandeel in deze kwestie? In hoeverre dien ik de bezieling in mijn team of organisatie en in hoeverre sta ik haar zelf in de weg? Een vraag die je jezelf niet vaak genoeg stellen kan!